YOLO

Dood gaan we allemaal.

 

Sommigen sterven plots. Een onverwachte ruk en ze spelen niet langer de hoofdrol in hun eigen leven.

Anderen bewandelen een pad waarvan ze weten dat het, en wanneer het ze naar de dood zal leiden. Een zogenaamde lijdensweg, zou je kunnen zeggen.

Weer anderen sterven voor zij ooit geleefd hebben, een lot dat misschien ook een deel van ons die wel de kans gekregen heeft uit te groeien en te bloeien, te wachten staat.

Want hoe je het ook wendt of keert, de dood zal altijd op ons wachten.

 

Sommigen vinden deze zekerheid afschrikwekkend en beangstigend. 

Ik denk daar echter anders over. Is het niet eerder geruststellend dat wij allemaal de zekerheid hebben dat we ergens middenin ons leven, als gelijken met open armen verwelkomd zullen worden door de zoete de dood? 

De zoete dood, bij wie we ons best niet meer hoeven te doen, maar ons zorgenloos kunnen overgeven aan datgene waar wij nooit controle over zullen krijgen. 

 

Begrijpt u mij alstublieft niet verkeerd, ik heb geen verlangen naar de dood. 

Ik zie hem, of haar, graag als een oude vriend. Eentje waar ik met ziel en zaligheid mee verbonden was voor de glorieuze zaadcel van mijn vader de eicel van mijn moeder tijdens een bedrijving van liefde bereikte, en waar ik vroeg of laat weer mee verenigd zal worden. 

 

Dat wat wij achter zullen laten zijn onze dierbaren, onze geliefden. In herinneringen die vervagen, maar die hun ziel niet vergeet, leven wij dus voort. En dan blijkt ons eigen leven niet langer van onszelf te zijn. Wij zijn enkel nog overgeleverd aan de herinneringen en sentimenten van onze mede-sterfelijken. 

Heerlijk, want ook daar hebben wij niets over te zeggen. Of wel?

 

You only live once, of kortgezegd YOLO kan door ons ingevuld worden met de betekenis dat we tijdens dit leven alles moeten doen wat we willen, dat we alleen maar aan onszelf moeten denken, en het onszelf zo comfortabel mogelijk moeten maken, voor zolang als het duurt.

Waar wij ook voor kunnen kiezen, is deze internet-wijsheid te bezielen met de gedachte dat wij, voor zolang als het duurt, juist door niet enkel aan onszelf te denken, het zo comfotabel mogenlijk met elkaar kunnen maken. 

 

You only live once, dus maak er alstublieft iets moois van. Veel wat ertoe doet laten wij niet achter zodra we eenmaal in de armen van de dood liggen. 

Enkel herinneringen maken ons nog levend voor hen die ons vroeg of laat zullen volgen. Laten wij, als individuen, gezamelijk proberen deze herinneringen liefdevol te laten zijn.

Als ik dood ben

Als ik dood ben...

 

Ben ik hier? Ben ik daar?Ben ik overal? Of nergens?

 

Kan ik nog wel zeggen, ik ben? Of ben ik dan dus nooit meer mij?

 

Als klein meisje stelde ik me altijd voor dat ik als ik dood ging, ik licht doorschijnend zou zijn. Ik zou een wit gewaad aan hebben en door een gouden zaal, over een goud tapijt naar een gouden troon lopen. Op die troon zou een grote man zitten. Met wit haar. In gouden kleren. Maar, met een witte blouse. Overal om me heen zouden nog meer gouden mensen lopen. Het zou er koud zijn. Maar niet onaangenaam. Ik zou op blote voeten lopen. En als ik bij de troon zou zijn, zou ik knielen. De man in het gouden gewaad zou mijn gezicht vasthouden en me aankijken. Na een tijd zou hij me loslaten en zou ik opstaan. Ik zou gouden kleren aanhebben. Ik zou een engel zijn.

 

 

Maar, stel, er is niets.Stel, dat als ik dood benik simpelweg niet meer besta.Opzich zou dat niet erg zijn.Dat besef ik dan toch niet.

 

Wat me wel verwarrend lijkt, is al ik er, als ik doodga, van ben overtuigd, dat ik, als ik dood ben, geen besef meer heb. Geen gedachten, geen gevoel. Stel, ik ben ervan overtuigd, dat ik dan niet meer besta. Dan is er natuurlijk de mogelijkheid dat ik, als ik dood ben, in eens ontdek dat ik denk, voel en besef. Dat ik besta.

 

Dat moet toch een ongelooflijke schok zijn?!!

 

Dan ben je, na een lang en vermoeiend leven dus dood. Je voelt je voldaan.Want je hebt geleefd. Je hebt gevoeld, gedacht en beseft. Van het leven genoten.Je bent oud. En hebt heimwee naar de dood.Heimwee naar de rust, de stilte.

 

 

Word je wakker, of sta je op. Of… weet ik veel!En dan? Dan ben je ineens wel ergens. Of nergens. Of hier. Of daar…

 

Nouja, laat ook maar.

 

Ik heb heimwee. Naar het leven.